Mogen we cookies plaatsen? Zo kunnen we je de beste website ervaring bieden! Onze prachtige video's mogen wij alleen voor je afspelen als je de cookies accepteert. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met het gebruik van alle cookies zoals omschreven in onze privacyverklaring.

AI in de klas: hoe ga je ermee om?
Steeds meer leerlingen gebruiken AI om schrijfopdrachten te maken. Dat lijkt handig, maar ze missen zo cruciale leermomenten zoals structureren en reflecteren. In dit artikel deel ik signalen van AI-gebruik en praktische strategieën om het leerproces zichtbaar te houden en leerlingen te begeleiden naar verantwoord gebruik.
Naam & functie: Henk Slaa, docent bedrijfseconomie en decaan
School: Portus Groene Hart
Leerjaar / niveau: klas 2 t/m 6, mavo tot en met vwo
Basisvaardigheden: onderzoeken, structureren, schrijven, presenteren en kritisch denken
Tim zit thuis achter zijn laptop. Hij moet een groepsopdracht voor bedrijfseconomie doen, maar weet niet waar hij moet beginnen. De deadline nadert en het voelt alsof hij vastzit. Dan bedenkt hij zich dat ChatGPT in een paar seconden een perfecte tekst kan maken. “Waarom zou ik mezelf kwellen als het zo makkelijk kan?” denkt hij. Met een paar klikken heeft hij een kant-en-klare uitwerking.
Dit is een voorbeeld van cognitieve offloading; het uitbesteden van denkwerk aan AI. Voor tieners is dit bijzonder verleidelijk en tegelijkertijd heel problematisch. Hun gedrag wordt namelijk sterk gestuurd door emoties, waardoor directe beloning belangrijker voelt dan lange termijnontwikkeling. Wanneer een schoolopdracht weinig zinvol lijkt of veel inspanning vergt, biedt AI een snelle uitweg zonder het proces van nadenken, structureren en herschrijven.
Het is echter juist die worsteling die essentieel is voor zijn ontwikkelingsproces. Tijdens de pubertijd ontwikkelen leerlingen namelijk het vermogen om over hun eigen handelen na te denken. Als die worsteling aan AI wordt uitbesteed, missen ze cruciale momenten om die vaardigheid te ontwikkelen. Dit vraagt om een andere aanpak in het onderwijs.
In mijn lessen zie ik cognitieve offloading op verschillende manieren terug, maar het valt het meest op bij schrijfopdrachten. Bij bedrijfseconomie laat ik leerlingen een marketingplan schrijven en presenteren. Zo’n opdracht vraagt zowel om een goed idee, als om overtuigingskracht en creativiteit. De laatste jaren stuit ik hierbij steeds vaker op de symptomen van AI-gebruik op beide vlakken. Hieronder beschrijf ik de belangrijkste signalen.
- Schrijfstijl
Als docent beoordeel ik het marketingplan op inhoud, structuur en proces. Door ervaring weet ik wat ik kan verwachten qua woordgebruik en opbouw. Zelfgeschreven teksten bevatten namelijk altijd bepaalde imperfecties die horen bij het ontwikkelingsniveau van de leerling. Juist die imperfecties bespreek je als docent met je leerlingen om leermomenten te creëren.
AI-teksten daarentegen zijn opvallend gestructureerd, maar missen menselijke gevoel. Ze bevatten taal die niet past bij het niveau van leerlingen, zoals overdreven woorden (“betekenisvol”, “blijft fascineren”) of standaardzinnen (“Het is belangrijk om te benadrukken dat…”). Ook zie ik Engelse termen opduiken, zoals “we moeten dit probleem eerst adresseren”, en een overdaad aan opsommingen en opmaak: dikgedrukte tekst, emoticons (🎯, ✅, 📈) en ongebruikelijke leestekens. Zelfs zinsconstructies zoals: “Onze campagne richt zich op jongeren van 15-18 jaar – zij zijn actief op sociale media en gevoelig voor creatieve content.” komen zelden uit een pen van een leerling.
- Inhoud
Bij het nakijken van opdrachten zie ik niet alleen een vreemde schrijfstijl, maar ook inhoud die niet klopt of niet past bij de context. Soms bevat een marketingplan voorbeelden van internationale bedrijven, terwijl de opdracht ging over een lokale onderneming. Ook kom ik regelmatig foutieve of verouderde informatie tegen, zoals verkeerde btw-percentages of oude wetgeving.
Daarnaast valt op dat AI-teksten vaak erg algemeen blijven. Zinnen als “Het is belangrijk om een sterke merkidentiteit te hebben” klinken mooi, maar missen concrete uitwerking die je van een leerling verwacht. Bij opdrachten met cijfers zie ik soms berekeningen die niet kloppen of niet logisch zijn, omdat AI geen echte rekencontrole doet.
- Afwijkingen in het proces
Het schrijfproces zelf geeft ook signalen. Een opvallend goed werkstuk dat in extreem korte tijd is gemaakt, is verdacht. Soms leveren groepjes die in de les nauwelijks werkten ineens een perfect uitgewerkte opdracht in. Ook komt het voor dat leerlingen een prachtig geschreven tekst hebben, maar geen enkele vraag over de inhoud kunnen beantwoorden.
- Presentaties en PowerPoints
Bij presentaties zie ik dezelfde patronen: dia’s vol dikgedrukte tekst, dubbele bulletpoints, vreemd taalgebruik, incorrecte inhoud en soms zelfs onderdelen die niet aansluiten bij de opdracht.
Als ik op de gebruikelijke manier te werk blijf gaan, haal ik mijn beoogde leerdoelen niet. Ik controleer vooral of ChatGPT goed werkt, in plaats van waar leerlingen staan in hun ontwikkeling. Daarom is een andere aanpak nodig. Ik moet voorkomen dat AI ongewenst wordt gebruik door opdrachten anders op te bouwen en te beoordelen.
Dat de aanpak bij schrijfopdrachten anders moet, is duidelijk. Op een aantal vlakken heb ik een aanzet gedaan om bij de aanwezigheid van AI aan te sluiten.
Als eerste probeer ik vooral het gesprek aan te gaan tijdens het schrijfproces. Tussentijds vraag ik leerlingen mondeling toe te lichten hoe ze tot hun tekst en bronnen zijn gekomen. Dit stimuleert metacognitie. Leerlingen denken na over hun eigen keuzes en leerproces. Zo wordt snel duidelijk of ze informatie zelf hebben verwerkt en begrijpen wat ze doen.
Daarnaast vraag ik om tussenversies en een gestructureerd logboek. Dit maakt het leerproces zichtbaar en geeft ruimte voor formatieve feedback. Leerlingen leren dat schrijven een iteratief proces is, waarbij revisie en reflectie essentieel zijn.
Tot slot geef ik richtlijnen voor verantwoord AI-gebruik. Bijvoorbeeld: gebruik tools zoals Perplexity om betrouwbare bronnen te vinden en duidelijk te kunnen herleiden waar informatie vandaan komt. Zo leren leerlingen niet alleen kritisch omgaan met AI, maar ook hoe ze technologie kunnen inzetten als hulpmiddel in plaats van vervanging van denkwerk.
Vind je dit interessant? Ik schreef ook een artikel over de 9-delige lessenreeks over AI. Daar kan je ook de lessen direct downloaden.
Lees meer.
Copyright © Portus Scholengroep Basisvaardigheden | Website: Pencilblocks | Webdesign: Pencilpoint - creatief in vorm & inhoud